20.12.07

Potosí

Ben in Potosí, dat na ontdekking van enorme zilverberg in 1546 uitgroeide tot grootste stad ter wereld, even groot als Londen. Berg, de Cerro Rico, is op zijn eentje verantwoordelijk voor Europese economie zoals we die vandaag kennen.

Nu is berg zo goed als leeggeplunderd, al blijven mijnwerkers in cooperativos hardnekkig speuren naar laatste restjes zilver en tin, en dit in miserabele omstandigheden.

Stad ligt aan voet van de Cerro Rico, op een hoogte van 4.000 meter. Combineer dat met zwarte roet, uitgestoten door honderden minibusjes, en zuurstof wordt een schaars goedje. Dit manifesteert zich in amechtig gepuf na 100 meter wandelen.

Uit open deur van die busjes leunt een jongetje van een jaar of tien, dat met schorre stem bestemmingen afdreunt en passagiers probeert te ronselen. Leeftijdsgenootjes leuren met kranten. In de mijnen onder de Cerro Rico (die volgens schattingen in ruil voor al dat zilver acht miljoen indianenlevens eiste, en daarom ook wel de mensenetende berg genoemd wordt) is kinderarbeid nog een feit.